Een fictieve EUR/USD-rekening bevat 2.500 USD en handelt één standaardlot. Een ongunstige beweging van dertig pips kost bij 10 USD per pip 300 USD vóór kosten: 12% van de beginnende rekeningwaarde. Het standaardvolume in een ordervenster is dus geen risicobudget. Bereken eerst het geldgevolg en controleer daarna of de gewenste omvang werkelijk is toegestaan.

Stap 1: benoem het gekozen geldbudget

Kies voor de oefeningen expliciet 1% van een genoemde kapitaalbasis als gepland prijsverliesbudget. Op 10.000 USD is dat 100 USD. De fractie is een modelinput, geen universeel geschikte instelling of gegarandeerd eindverlies. Leg vast of de basis saldo of actuele rekeningwaarde is. Andere open posities en tegelijk uitvoerbare orders vragen een aparte rekeningbrede beoordeling.

Veronderstel tien verliezen, elk exact een vaste fractie van het direct voorafgaande kapitaal, zonder geldstromen, extra kosten, gaten of afronding. Bij 1% resteert 0,99¹⁰ ≈ 90,438% van de start: 9,562% drawdown. Bij 5% resteert 59,874%, dus 40,126% verlies; bij 10% resteert 34,868%, dus 65,132% verlies. Herstel vanaf de rest vergt respectievelijk circa 10,573%, 67,018% en 186,797% groei. Dit berekent een opgegeven verliesreeks, niet haar kans of de werkelijke hersteltijd.

Stap 2: contract, lot en pipwaarde vaststellen

In de gebruikelijke FX-conventie vertegenwoordigt één lot 100.000 basiseenheden, 0,10 minilot 10.000 en 0,01 microlot 1.000. Een nanolabel bewijst geen beschikbaarheid. Een aanbieder kan een andere contractgrootte, minimumomvang of stap gebruiken. Een prijsafstandsmaat en een volume-eenheid zijn verschillende specificaties.

Schuif op een klein scherm door de tabel om alle kolommen te lezen.

Fictief lineair EUR/USD-contract: 100.000 EUR per lot, pip 0,0001 USD per EUR
OmvangBasiseenhedenPipwaarde positie
1,00 lot100.000 EUR10 USD
0,10 lot10.000 EUR1 USD
0,01 lot1.000 EUR0,10 USD
0,001 lot, indien toegestaan100 EUR0,01 USD

Voor het afzonderlijke USD/JPY-model is één lot 100.000 USD en één pip 0,01 JPY per USD. Een pip geeft dan 1.000 JPY per lot. Bij de aangenomen referentie 150 JPY per USD is dat 1.000/150 ≈ 6,6667 USD. Andere producten en omgekeerde noteringen vragen hun eigen specificatie; een op het scherm genoemde tickwaarde hoeft niet de waarde van een hele pip te zijn.

Pipwaarde per positie of per volledig lot?

De waarde per positie eerst normaliserenOorspronkelijk fictief EUR/USD: 100.000 EUR per lot, pip 0,0001 USD/EUR, USD-rekening, minimum/stap 0,01. De weergegeven 1 USD/pip beschrijft 0,10 lot. Budget 50 USD, stop 25 pips, exacte fill zonder kosten.REKENVOORBEELDEenheid omzetten1/0,10 = 10 USD/pip/lotCorrect volume50/(25 × 10) = 0,20 lotVerkeerde invoer50/(25 × 1) = 2,00 lot
De waarde per positie eerst normaliseren. Oorspronkelijk fictief EUR/USD: 100.000 EUR per lot, pip 0,0001 USD/EUR, USD-rekening, minimum/stap 0,01. De weergegeven 1 USD/pip beschrijft 0,10 lot. Budget 50 USD, stop 25 pips, exacte fill zonder kosten.

1 USD voor de positie wordt 10 USD per volledig lot. Anders geeft de calculator tienmaal te veel volume.

Eenheid omzetten
1/0,10 = 10 USD/pip/lot – Geen wijziging van contract of markt.
Correct volume
50/(25 × 10) = 0,20 lot – 50 USD gepland prijsverlies.
Verkeerde invoer
50/(25 × 1) = 2,00 lot – Werkelijk modelverlies 500 USD, factor tien.

Het oorspronkelijke fictieve USD-model toont voor 0,10 lot een waardering van 1 USD per pip. Een calculator die USD per pip per volledig lot vraagt, heeft 1/0,10 = 10 nodig. Met budget 50 USD en vijfentwintig pips stop is het volume 50/(25 × 10) = 0,20 lot. Bij exact die stop en zonder kosten is het prijsverlies 50 USD.

Wie 1 invult, krijgt 2,00 lot en modelverlies 500 USD. De fout is een factor tien en ontstaat door de eenheid, niet door een verkeerd afgerond resultaat. Minimum en stap zijn hier 0,01 lot. Een gewone stop verandert een te grote omvang niet in een gegarandeerd budget.

Stap 3: de formule met kosten uitbreiden

In het eenvoudige prijsmodel geldt: loten = gekozen geldbudget / (stopafstand in pips × pipwaarde per lot in rekeningvaluta). Gebruik positieve afstand en waarde. Rond het berekende maximum omlaag naar de echte volumestap en controleer het minimum. Is het minimum te groot, dan past geen positieve transactie onder deze inputs.

Het kostenvoorbeeld uit de Poolse brontekst gebruikt dollars, geen Poolse belastingregel: 100 USD totaalbudget, dertig pips, 10 USD per pip per lot, 10 USD vaste kosten en 6 USD per lot variabele kosten. Dan moet 300 q+6 q+10 ≤ 100 gelden: q ≤ 90/306 ≈ 0,29412. Met stap 0,01 past 0,29 lot. Het modelverlies inclusief deze kosten is 98,74 USD; 0,30 zou 101,80 USD kosten.

Deze tarieven en exacte fills zijn fictief. Slechtere uitvoering, latere financiering of omzetting kunnen de begroting doorbreken. Een budget is geen margincontrole. Vergelijk de De 1%-regel: positie berekenen inclusief kosten en rekeningrisico-uitleg voordat je een percentage als verliesgarantie behandelt.

Stap 4: USD, EUR en een JPY-paar uitwerken

Het afzonderlijke USD-bronplan koopt EUR/USD op 1,1234 met stop 1,1204. Dat verschil is dertig pips. Op 10.000 USD, 1% budget en 10 USD per pip per lot is ruw 0,3333 lot toegestaan, omlaag 0,33: 33.000 EUR nominaal en 99 USD prijsverlies vóór kosten.

Een apart fictief margemodel gebruikt nominaal/30. Voor 33.000 EUR is dat 1.100 EUR marge, omgerekend tegen 1,1234 precies 1.235,74 USD. Dit is geen universele actuele wettelijke marge-eis. Historische ESMA-interventie uit 2018 en toepasselijke nationale CFD-regels zijn aparte contexten. Werkelijk product, cliëntcategorie, aanbieder en berekeningsmethode bepalen de eis. Marge begrenst het verlies niet.

Het zelfstandige EUR-model kiest 10.000 EUR en 100 EUR prijsbudget. Houd referentie 1,0800 USD per EUR en kosten nul vast. Pipwaarde per lot is 10/1,08 EUR. Met volle precisie geeft 100/(30 × 10/1,08) exact 0,36 lot. Bij de aangenomen dertig-pipsfill en omzetting is het verlies 100 EUR; een echte uitstapconversie kan afwijken.

Een apart USD/JPY-plan gebruikt 100.000 USD per lot, pip 0,01 JPY en referentie 150 JPY per USD. Met 100 USD budget en veertig pips stop ontstaat 0,375 lot, omlaag naar 0,37: circa 98,6667 USD prijsverlies. Bereken niet voortijdig met 6,67 als afgeronde pipwaarde. Op een EUR-rekening met bovendien 1,09 USD per EUR is dezelfde volledige-lotpip 1.000/150/1,09 ≈ 6,1162 EUR. Noteer tijdstip en kosten van omzetting.

Nieuw EUR-tegenvoorbeeld: hetzelfde lotlabel, ander contract

Vergelijk twee afzonderlijke fictieve EUR/USD-symbolen op EUR-rekeningen van 2.000 EUR. Beide gebruiken een vaste referentie van 1,0000 USD per EUR, pip 0,0001, minimum en stap 0,01 lot, veertig pips stop, 1% prijsbudget en geen kosten. Symbool A heeft 100.000 EUR per lot: 10 EUR per pip per lot. Symbool B heeft afwijkend 10.000 EUR per lot: 1 EUR per pip per lot.

Hetzelfde budget van 20 EUR geeft bij A 0,05 lot en bij B 0,50 lot. Beide vertegenwoordigen 5.000 EUR en hetzelfde modelprijsverlies van 20 EUR. Kopieer je de 0,50 lot van B naar A, dan handel je 50.000 EUR en riskeer je in dit prijsmodel 200 EUR: 10% van de rekening. Vergelijk dus basiseenheden, niet alleen het getal naast lot. B is een expliciet afwijkende contractspecificatie, geen claim dat iedere aanbieder een standaardlot zo definieert.

Andere contracten, dezelfde blootstellingNieuw fictief EUR-model: kapitaal 2.000, 1%=20 budget, stop 40 pips, referentie EUR/USD 1,0000, minimum/stap 0,01. A heeft 100.000 EUR per lot; B afwijkend 10.000. Geen kosten of fillafwijking.REKENVOORBEELDContract A0,05 lot × 100.000 =5.000 EURContract B0,50 lot × 10.000 =5.000 EURB-getal gekopieerd naar A0,50 lot = 50.000 EUR
Andere contracten, dezelfde blootstelling. Nieuw fictief EUR-model: kapitaal 2.000, 1%=20 budget, stop 40 pips, referentie EUR/USD 1,0000, minimum/stap 0,01. A heeft 100.000 EUR per lot; B afwijkend 10.000. Geen kosten of fillafwijking.

Vergelijk basiseenheden. Het lotgetal van een ander contract kopiëren kan het modelverlies tienmaal vergroten.

Contract A
0,05 lot × 100.000 = 5.000 EUR – Pipwaarde per lot 10 EUR; prijsverlies 20 EUR.
Contract B
0,50 lot × 10.000 = 5.000 EUR – Pipwaarde per lot 1 EUR; prijsverlies 20 EUR.
B-getal gekopieerd naar A
0,50 lot = 50.000 EUR – 200 EUR prijsverlies, 10% van de rekening.

Stap 5: controle vóór iedere order

  1. Lees contractgrootte, minimum, stap, pip en tick. Als het minimum buiten het volledige budget valt, sla de transactie over of onderzoek een passende specificatie op demo. De beperking verplicht niet tot meer risico of extra storten.
  2. Bewaar pipwaarde met rekeningvaluta en referentieomrekening. Een standaard orderticket toont niet universeel een pipwaardeveld. OrderCalcProfit kan onder actuele omstandigheden een voorwaardelijke rekeningvalutaschatting maken, geen toekomstig cashverlies garanderen.
  3. Registreer kapitaalbasis, budget, aangevraagde stop, echte eenheden, uitstap en kosten. Vergelijk gepland en gerealiseerd verlies; niet iedere afwijking van een gekozen 1% bewijst dezelfde fout.
  4. Beoordeel tegelijk margin en andere posities. Een subjectief uitzonderlijke kans vervangt geen kansschatting. Zelfs aangenomen 65% winstkans betekent 35% verlieskans per benoemde poging, niet exact 35 verliezen in iedere reeks van honderd.

Ga verder met Positiegrootte bij verschillende stops: pips, punten en rekeningvaluta om dezelfde correcte pipwaarde bij andere stopafstanden te gebruiken. Nederlandstaligheid bepaalt geen fiscale woonplaats; EUR- en USD-modellen, de PLN-verwijzing naar de herkomst van een voorbeeld en historische regelgeving blijven afzonderlijk.