Op 15 januari 2015 schafte de Swiss National Bank de minimumkoers van 1,20 CHF per euro af. Dat is een gedocumenteerde beleidswijziging. De exacte koersroute en stopuitvoering van een klant vereisen echter eigen handelsplaats- of brokergegevens. Dit artikel beweert geen universele dertigprocentbeweging of dat iedere order tegen één eerste prijs werd uitgevoerd.

Wat bedoelt een zwarte zwaan?

Taleb beschrijft een combinatie van verrassing, grote gevolgen en verklaringen achteraf die een gebeurtenis voorspelbaarder laten lijken. Het verrassende karakter hangt van de informatie van de waarnemer af. Het label is geen numeriek kansmodel en niet iedere volatiele sessie is daarom een zwarte zwaan.

Vraag bij een positie welke aannames falen als de prijs verder beweegt dan in de beschikbare historie. Weten dat beleid kan veranderen specificeert nog geen moment, omvang of uitvoerbare quote. Een stresstest kan gevolgen uitrekenen zonder een verzonnen incidentkans toe te kennen of overleving te beloven.

Waarom een gewone stop geen vaste uitstapprijs is

Een gewone stop is een trigger voor een uitvoeringsverzoek, geen garantie op prijs of onmiddellijk succesvol volledig sluiten. Triggerconventies en uitvoeringsregels verschillen per instrument, handelsplaats en aanbieder. Een koersgat kan een slechtere fill opleveren; onder de toepasselijke regels kan uitvoering ook vertraagd, gedeeltelijk of afgewezen worden.

In het fictieve bronmodel ligt de voorgenomen stop vijftig pips onder instap, maar wordt de positie tweehonderd pips lager gesloten. Bij gelijk volume en pipwaarde is het prijsverlies viermaal de oorspronkelijke inschatting. Dit reconstrueert geen SNB-transactie. Een weergegeven eerste quote bewijst niet dat iedere order daar volledig is uitgevoerd.

Een gegarandeerde stop is een afzonderlijke contractuele dienst. IG beschrijft in zijn Britse documentatie sluiten op het geaccepteerde niveau en een premie die bij activering wordt belast. Deze Britse productuitleg bewijst geen beschikbaarheid of identieke voorwaarden voor een Nederlandse klant. Controleer de eigen juridische entiteit, producten, minimale afstand, acceptatiestatus en kosten.

Gedocumenteerde gebeurtenissen, andere mechanismen

  • SNB,15 januari 2015.De officiële verklaring beëindigt de 1,20 CHF-per-EUR-minimumkoers. Zij bevat geen universeel klantverlies of bewijs van iedere brokerfill.
  • Brits referendum,23 juni 2016.Het Bank of England-overzicht over maart–juni 2016 beschrijft volatiliteit en sterlingdaling na de uitslag. Dat bewijst niet dat de mogelijkheid voor iedere marktdeelnemer onvoorzienbaar was.
  • Maart 2020, dollarfinanciering.BIS beschrijft tijdens de Covid-crisis een vlucht naar dollars en druk op financiering. Dit is een financieringsmechanisme, niet hetzelfde als ieder orderboek zonder tegenpartijen.
  • WTI,20 april 2020.CFTC-staf documenteert negatieve prijzen in het aflopende NYMEX-contract voor mei 2020. Niet iedere olieprijs of retail-CFD was hetzelfde instrument met dezelfde afloopvoorwaarden.

Daarnaast onderzoekt de BIS Markets Committee de sterlingflashgebeurtenis van 7 oktober 2016. De analyse noemt het tijdstip en mechanische versterkers, waaronder optiegerelateerde hedgingstromen. Deze verschillende mechanismen zijn niet eerlijk samen te vatten als altijd hetzelfde verdwijnen van kopers en verkopers. Gebruik per gebeurtenis eigen gegevens, productdefinitie en tijdvenster.

Een stresstabel beschrijft ernst, geen frequentie

Het vijftig-tegen-tweehonderd-pipsvoorbeeld houdt een vaste pipwaarde en geen extra kosten aan. Het werkelijke verlies kan boven de begroting liggen; voldoende grote blootstelling kan het beschikbare vermogen uitputten. Een scenario tienmaal de stopafstand is weer een gekozen ernst, niet een universele maatstaf of kansraming.

Dezelfde verliezen, andere gekozen gewichten

Dezelfde bedragen, andere gewichtenOorspronkelijk fictief PLN-model met drie uitputtende, wederzijds uitsluitende gevallen over één horizon. Verliesbedragen 100,700,1.300. Gewichten zijn verzonnen, geen historische kansen.REKENVOORBEELDModel A80%, 15%, 5%Model B20%, 30%, 50%Gelijke gewichtenIeder een derde
Dezelfde bedragen, andere gewichten. Oorspronkelijk fictief PLN-model met drie uitputtende, wederzijds uitsluitende gevallen over één horizon. Verliesbedragen 100,700,1.300. Gewichten zijn verzonnen, geen historische kansen.

Ernst alleen bepaalt geen kansgewogen verwachting. Het simpele gemiddelde veronderstelt afzonderlijk gelijke gewichten.

Model A
80%, 15%, 5% – Gewogen gemiddeld 250 PLN.
Model B
20%, 30%, 50% – Gewogen gemiddeld 880 PLN.
Gelijke gewichten
Ieder een derde – Simpel gemiddeld 700 PLN, geen vanzelfsprekende keuze.

Het oorspronkelijke experiment gebruikt drie wederzijds uitsluitende, uitputtende fictieve scenario’s over dezelfde horizon, met verliezen 100,700 en 1.300 PLN. Model A kiest gewichten 80%, 15% en 5%: gemiddeld 0,80 × 100+0,15 × 700+0,05 × 1.300=250 PLN. Model B kiest 20%, 30% en 50%: gemiddeld 880 PLN. Beide gewichtensommen zijn 100%, maar het zijn geen historische of voorspelde kansen.

Het eenvoudige ongewogen gemiddelde van de drie verliesbedragen is 700 PLN. Dat veronderstelt nog een derde model: gelijke gewichten. Drie regels in een tabel rechtvaardigen die aanname niet. Van alleen de verliesbedragen volgt evenmin dat de zwaarste schade 5% kans heeft. Dit experiment vergelijkt gewogen gemiddelden, geen VaR of Expected Shortfall. Zonder kansmodel kun je de gevolgen per scenario bewaren zonder een toekomstgemiddelde te presenteren.

Nieuw EUR-tegenvoorbeeld: rekeningbescherming bewaart geen storting

Neem een afzonderlijke fictieve rekening met 2.000 EUR en gepland prijsverlies 100 EUR bij een vijftig-pipsstop. Dat is 5% van het begin, uitsluitend als rekeninput. Bij dezelfde vaste EUR-pipwaarde maar tweehonderd pips werkelijke uitstapafstand wordt het prijsverlies 400 EUR. Voeg een apart veronderstelde 10 EUR kosten toe: totaal 410 EUR, of 20,5% van de rekening, met 1.590 EUR resterend.

Zelfs als negatieve-saldobescherming op deze rekening van toepassing is, zou zij dit positieve resterende saldo niet terugbrengen naar de beginnende 2.000 EUR. Zij garandeert de stopprijs niet en vergoedt de 410 EUR niet. De kosten en schok zijn verzonnen, geen aanbiederstarief of gemeten SNB-fill. De EUR-pipwaarde wordt in dit aparte model constant verondersteld; omrekening of andere contracten vragen nieuwe berekeningen.

Blootstelling en reikwijdte van bescherming

Omvang bepaalt het geldgevolg van een gegeven prijsbeweging. De historische tijdelijke ESMA-interventie uit 2018 noemde 30:1 voor de toen omschreven majeure valutaparen en 20:1 voor overige paren. Dat is geen wereldwijde of permanent universele limiet. Controleer de toepasselijke nationale maatregel, cliëntclassificatie en contractuele entiteit.

Voor de Nederlandse context beschrijft de AFM haar productinterventie voor CFD’s in of vanuit Nederland met onder meer negatieve-saldobescherming. Het relevante besluit begrenst de gezamenlijke aansprakelijkheid voor de gedekte CFD-rekening tot de daarvoor bestemde middelen. Andere activa die niet voor die CFD-handel zijn bestemd zijn niet zomaar dezelfde dekking. Het besluit beschermt niet tegen verlies van alle daarvoor bestemde rekeningmiddelen.

Nederlandstaligheid is geen bewijs van Nederlands woonland of toepasselijkheid van die maatregel. Een merknaam of vestigingsplaats van één groepsregulator bepaalt niet jouw juridische entiteit of retail/professionele status. Veronderstel evenmin dat geen aanbieder vóór 2018 zo’n bescherming had. Meerdere posities met dezelfde factor zijn geen onafhankelijke verzekering. Lees Negatief saldo: bescherming is geen behoud van je inleg en Hefboom: houd marge, blootstelling en verliesbudget apart voor het onderscheid tussen rekeningbescherming en exposure.

Wat je vooraf kunt vastleggen

  1. Reken meerdere expliciete ongunstige fills door voor alle betrokken posities. Neem kosten, marginwijzigingen en resterende equity mee; laat niet-bepaalde kansen ook niet bepaald.
  2. Bewaar juridische entiteit, land, cliëntclassificatie en dekking van de CFD-rekening. Vergeet niet dat aansprakelijkheid begrenzen iets anders is dan geld behouden.
  3. Noteer bekende centrale-bankbesluiten, verkiezingen en referenda in een gekozen planningsvenster, bijvoorbeeld drie maanden. Beslis vooraf over blootstelling; de kalender voorspelt geen onbekende schok.
  4. Controleer een eventuele gegarandeerde stop onder de eigen voorwaarden: premie, minimale afstand, geschikt product en geaccepteerde orderstatus. Een gewone stop of trailingstop is niet dezelfde toezegging.

Ga verder met CVaR en Expected Shortfall: staartmassa, grensweging en portefeuilles zodra een verliesverdeling en haar gewichten expliciet zijn. Een uitgewerkt gevolgscenario is nuttig zonder te doen alsof de schokdatum of kans bekend is.