In dit artikel
Na dit artikel kun je…
- Een geboekte commissie met saldo en equity reconciliëren.
- Vrije marge en margenniveau met dezelfde valuta berekenen.
- Een gewijzigde margevereiste onderscheiden van een veranderd koersresultaat.
Begrippen uitgelegd binnen het artikel
Saldo Rekeningwaarde (equity) Commissie Marge: vereist onderpand Nominale positiewaarde Vrije margeEén fictieve rekening in Poolse zloty toont PLN 10.000 saldo, een open koersresultaat van −PLN 300 en PLN 3.333 afgeronde marge. De rekeningwaarde is PLN 9.700, de vrije marge PLN 6.367 en het margenniveau ongeveer 291%. Die verschillende getallen horen bij hetzelfde moment. Ze beantwoorden verschillende vragen; geen ervan is zelfstandig een bewijs dat een nieuwe positie betaalbaar is.
Vijf velden van dezelfde rekening
Saldo beschrijft geboekte rekeningmutaties. Rekeningwaarde (equity) verwerkt ook waardering en eventuele andere rekeningcomponenten. Gebruikte marge geeft het vereiste onderpand weer. Vrije marge en margenniveau plaatsen de rekeningwaarde tegenover dat onderpand. Vergelijk de velden dus niet alsof het saldo gisteren en de equity vandaag werd gemeten.
Een verschil met je oorspronkelijke storting bewijst geen verborgen kosten of platformfout. Leg eerst het huidige saldo naast stortingen, opnamen, gerealiseerde resultaten, kosten, open resultaat en eventuele kredieten of blokkeringen. De rekeningvoorwaarden bepalen welke component waar wordt verwerkt.
Saldo: wat daadwerkelijk is geboekt
Saldo omvat geboekte stortingen minus opnamen, gerealiseerde winsten en verliezen en geboekte kosten of financiering. Alleen een veranderende koers van een open positie wijzigt dit saldo niet. Een onmiddellijk geboekte commissie kan het saldo echter wél veranderen terwijl de positie nog openstaat. Hetzelfde geldt voor andere geboekte mutaties.
Het oorspronkelijke PLN 10.000-model veronderstelt geen aanvullende kosten, financiering of geldstromen. Daarom blijft het saldo daar PLN 10.000 terwijl het open koersresultaat beweegt. Open en gerealiseerd resultaat: sluiten creëert geen tweede winst legt uit waarom een waardering nog geen gerealiseerde ontvangst is.
Eén commissie hoort maar één keer in de rekeningwaarde
De historie verklaart het saldo; zij vormt geen tweede kostenpost.
- Vóór commissie
- PLN 8.000 – Nog niet het huidige saldo.
- Geboekte commissie
- −PLN 6 – Huidig saldo wordt PLN 7.994.
- Open prijsresultaat
- −PLN 94 – Equity wordt PLN 7.900.
- Dubbele aftrek
- PLN 7.894 – Onjuist: dezelfde zes nogmaals afgetrokken.
Dit afzonderlijke bronmodel begint met PLN 8.000 vóór een commissie van PLN 6. De commissie wordt meteen geboekt: huidig saldo PLN 7.994. Met uitsluitend open prijsresultaat −PLN 94 wordt equity 7.994−94=PLN 7.900. Nogmaals zes aftrekken geeft onjuist PLN 7.894. Vanaf het oude saldo rekenen geeft onjuist PLN 7.906.
Een opgebouwde maar nog niet geboekte commissie is een ander geval. Die kan als aparte component worden meegenomen. Controleer de boekingswijze, geschiedenis en actuele rekeningvelden; de figuur schrijft niet voor dat iedere broker commissie identiek toont. Kostenhistorie verklaart een saldo en is geen opdracht dezelfde kosten opnieuw af te trekken.
Equity: actuele waardering met rekeningaanpassingen
Zonder andere componenten geldt equity=saldo+open resultaat. In het openingsmodel is dat 10.000−300=PLN 9.700. Bij een open winst van PLN 300 zou equity PLN 10.300 zijn, met hetzelfde ongewijzigde saldo. Krediet, opgebouwde commissie en geblokkeerde bedragen kunnen de eenvoudige gelijkheid aanpassen.
Equity is geen gegarandeerde opbrengst van onmiddellijke liquidatie. Werkelijke sluitingsprijzen en extra kosten kunnen verschillen van de vooraf getoonde waardering. Zonder open posities is het open prijsresultaat nul, maar equity is alleen gelijk aan saldo als andere aanpassingen ontbreken. Omgekeerd bewijst gelijkheid niet dat er geen open posities bestaan: resultaten kunnen elkaar compenseren.
Nieuw afzonderlijk EUR-tegenvoorbeeld: neem een fictief saldo van EUR 1.000, een apart rekeningkrediet van EUR 50 en geen posities, commissie of blokkeringen. Onder de expliciete regel equity=saldo+krediet is equity EUR 1.050. Bij nul marge is vrije marge eveneens EUR 1.050. Het verschil van EUR 50 is geen handelswinst en bewijst geen open positie. Of krediet opneembaar is, volgt niet uit dit rekenmodel.
Marge: onderpand volgens de instrumentspecificatie
Marge: vereist onderpand is geen commissie, geleend kassaldo of maximaal verlies. In het eenvoudige lineaire model bedraagt zij Nominale positiewaarde gedeeld door exacte hefboom. PLN 100.000/30 is PLN 3.333,33 vóór verdere afronding. Het openingsvoorbeeld gebruikt bewust afgerond PLN 3.333; meng die twee nauwkeurigheden niet ongemerkt.
Werkelijke vereisten hangen van berekeningsmethode, margepercentages, valutaomrekening, bestaande posities en orders af. Onder dezelfde lineaire regel verdubbelt twee lots in plaats van één de marge. Vrije marge halveert daardoor niet automatisch: zij blijft equity minus de nieuwe marge. Bij sluiten valt een vereiste weg, terwijl gerealiseerd verlies en kosten het saldo blijven beïnvloeden.
Een hogere margevereiste zonder koersverlies
Behoud het afzonderlijke fictieve USD-model: equity USD 1.400, oude marge USD 1.000 en nieuwe marge USD 2.000. Prijs, open resultaat, kosten en andere blokkeringen blijven vast. Vrije marge verandert van USD 400 naar −USD 600; margenniveau van 140% naar 70%. Alleen de noemer nam toe. De verslechtering bewijst geen nieuwe koersdaling.
Dezelfde equity, een ander onderpand
De ratio halveert doordat de noemer verdubbelt. Dit belooft geen uitstel van gedwongen sluiting.
- Oude marge
- USD 1.000 – Vrije marge USD 400.
- Nieuwe marge
- USD 2.000 – Vrije marge −USD 600.
- Oud niveau
- 140% – 1.400/1.000×100%.
- Nieuw niveau
- 70% – 1.400/2.000×100%.
De calculator hieronder houdt equity vast en verandert uitsluitend de vereiste marge. Alle geldbedragen hebben dezelfde rekeningvaluta. De beginwaarden 1.400, 1.000 en factor 2 reproduceren het USD-model. Het formulier accepteert equity van −1.000.000.000.000 tot 1.000.000.000.000, oude marge van nul tot 1.000.000.000.000 en factor nul tot 10.000. Dat zijn invoergrenzen, geen realistische rekeningdoelen.
Modelleer een wijziging van de margevereiste
Eigen model: equity blijft gelijk en alleen de vereiste marge verandert. Alle geldbedragen gebruiken dezelfde rekeningvaluta.
Een momentopname met negatieve vrije marge belooft niet dat de aanbieder de positie laat openstaan. Gevolgen hangen af van product, rekeningregels en de volgorde van gebeurtenissen. Controleer ook andere posities en een eventuele kennisgeving over gewijzigde vereisten. Margincall en stop-out: drempel is geen uitvoeringsprijs werkt de sluitingsregels verder uit.
Vrije marge en margenniveau samen lezen
Vrije marge=equity−gebruikte marge. PLN 9.700−PLN 3.333=PLN 6.367. Dat is onderpandcapaciteit onder de gekozen regels, geen automatisch opneembaar geld en geen aanvaardbaar verliesbudget. Een nieuwe order moet bovendien de eigen margevereiste, kosten en controles doorstaan.
Bij positieve marge is margenniveau=equity/marge×100%. Hier geeft 9.700/3.333 ongeveer 291%. Bij nul marge is de deling ongedefinieerd: toon geen-marge in plaats van 0%. Een hoge ratio beschrijft geen gegarandeerde afstand in tijd of prijs tot gedwongen sluiting. Zij vertelt evenmin hoe groot een koersgat kan worden.
Wat betekent een dalende ratio?
Bij constante marge verlagen open verliezen de equity en ratio. Bij 100% is equity gelijk aan marge en vrije marge nul. Dat is geen universeel waarschuwings- of stop-outniveau. MT5 ondersteunt rekeninginstellingen in percentages of geldbedragen. Toepasselijke nationale productregels en contractvoorwaarden moeten afzonderlijk worden vastgesteld.
Een grens van 200% is evenmin een universeel criterium voor een geschikte positie. Een geboekte storting van PLN 1.000 verhoogt in het openingsmodel saldo, equity en vrije marge elk met PLN 1.000 als de andere componenten gelijk blijven. Zij wist het eerdere handelsverlies niet uit en brengt extra geld onder risico. Een opname heeft de omgekeerde rekenkundige invloed, voor zover zij volgens de voorwaarden is toegestaan.
Drie controles vóór een nieuwe positie
- Reconcileer het actuele saldo en de equity met geschiedenis, open resultaat en overige componenten. Trek een geboekte vergoeding niet nogmaals af.
- Controleer de werkelijke instrumentspecificatie en de marge na de nieuwe order, naast het geplande koersverlies en kosten.
- Vergelijk het resulterende margenniveau met de rekeningregels en een expliciet scenario met slechtere uitvoering. Een geaccepteerde order bewijst geen passende omvang.
Bewaar een schermafbeelding met tijdstip, rekeningvaluta en afzonderlijke componenten wanneer je een verschil onderzoekt. Zo kun je een boeking, waardering en gewijzigde marge uit elkaar houden, in plaats van één saldo als verklaring voor alle bewegingen te gebruiken.
Test wat je hebt geleerd
Ongeveer 2 minuten oefenen.
Antwoord en uitleg bekijken
7.994−94=7.900 PLN. De geboekte commissie zit al in het huidige saldo.
Andere vragen
Waarom verschillen saldo en equity?
Open resultaat kan het verschil verklaren, maar ook krediet, commissie of blokkeringen. Een verschil alleen bewijst geen open positie. Vergelijk actuele velden met de boekingsgeschiedenis.
Is vrije marge opneembaar geld?
Niet automatisch. Equity minus gebruikte marge beschrijft capaciteit onder de rekeningregels. Opnamevoorwaarden, krediet en andere blokkeringen moeten apart worden gecontroleerd.
Betekent nul vrije marge onmiddellijk stop-out?
Bij positieve marge betekent dit 100% margenniveau. Waarschuwing en gedwongen sluiting volgen de toepasselijke regels en instellingen, niet één universele ratio.
Verhoogt een storting equity?
Een geboekte PLN 1.000-storting verhoogt saldo, equity en vrije marge met PLN 1.000 als andere componenten vast blijven. Zij maakt een eerder verlies niet ongedaan en stelt extra middelen bloot.
Waarom daalt het margenniveau zonder koersbeweging?
Een hogere margevereiste vergroot de noemer. Bij vaste equity USD 1.400 geeft marge USD 1.000 eerst 140%, en USD 2.000 daarna 70%. Dit is geen garantie dat de positie open blijft.
Bronnen en controle
- MetaQuotes — Rekeningvelden en commissieboekingen
Sectie rekeningstatus gelezen: saldo, krediet, opgebouwde/geboekte commissie, blokkeringen, equity en vrije marge. Platformconventies verschillen per rekening; fictieve bedragen zijn eigen rekenmodellen.
- MetaQuotes — Berekening van vereiste marge
Verschillende berekeningsmodi, bestaande orders, vaste vereisten en omrekening gecontroleerd. Nominaal/hefboom is alleen het expliciete eenvoudige model, geen universele formule.
- MetaQuotes — Rekeningeigenschappen en stop-outmodus
Accountvelden en procentuele of geldmatige stop-outinstelling gelezen. Software-instellingen zijn geen uitspraak over toepasselijke nationale productregels of een gegarandeerde sluitingsprijs.
De berekeningen gebruiken expliciete aannames. Ze vervangen geen actuele marktgegevens of voorwaarden van de aanbieder.
