ECN op een rekeningpagina vertelt niet wie de tegenpartij van jouw CFD is. Scheid drie vragen: met wie sluit je het contract, hoe beheert die onderneming haar blootstelling en welk tarief betaal je? Een smalle spread met commissie bewijst geen bemiddeling namens de cliënt. Een market maker is evenmin automatisch een bewijs van misbruik. Lees de productstukken en vergelijk de echte prijzen en kosten.

Hoe een market maker tegenover de klant staat

Een market maker geeft koop- en verkoopprijzen af en kan op de toepasselijke voorwaarden handelen. Dit proces kan geheel geautomatiseerd zijn. In een CFD-contract waarbij de onderneming als principal handelt, neemt zij de andere kant van jouw transactie. Een fictieve longblootstelling van honderdduizend EUR bij de klant geeft de onderneming aanvankelijk dezelfde shortblootstelling, vóór een eventuele hedge. Een handmatige dealingdesk is daarvoor niet noodzakelijk.

De onderneming kan risico extern afdekken, behouden, intern met tegengestelde klantstromen verrekenen of die mogelijkheden combineren. Een externe hedge is een andere overeenkomst dan de CFD van de klant. Afdekking kan de koersrichting compenseren, maar andere prijzen, timing, kosten en restposities laten andere risico’s over.

Zonder afdekking is winst van de klant op het contract een verplichting voor de onderneming; klantverlies kan juist haar resultaat op dat contract verbeteren. Haar gezamenlijke bedrijfsresultaat omvat ook andere transacties, hedges en kosten. Het percentage verlieslatende retailrekeningen laat niet zien welke hedges zij heeft en bewijst haar winstgevendheid niet.

Wat ECN en STP wel beschrijven

Een ECN is een elektronisch netwerk voor matching. STP beschrijft geautomatiseerde verwerking of routering. Een retailrekening met zo'n label bewijst geen juridische agentrol, rechtstreekse prijsdoorgifte of vaste commissiestructuur. Controleer principal- of agentstatus voor het specifieke product. Een bemiddelingsvergoeding kan losstaan van het koersresultaat van de cliënt, maar het ECN-label bewijst niet dat dit het volledige verdienmodel is.

Een concreet tegenvoorbeeld is Dukascopy Bank: de eigen FAQ noemt automatische ECN-uitvoering via SWFX, terwijl de bank tegenpartij van de klanttransacties blijft en transacties voor eigen afdekkingsbehoeften kan uitvoeren. Dit Zwitserse productvoorbeeld is geen oordeel over iedere ECN of over Dukascopy Europe. De feitelijke overeenkomst beslist welke groepsmaatschappij welke rol heeft.

Externe routering kan nog steeds leiden tot afwijzing, deeluitvoering of Slippage — afwijking van de referentieprijs. Beschikbare liquiditeit en ordervoorwaarden verdwijnen niet doordat de verwerking automatisch is. Vergelijk bovendien commissie per zijde of volledige transactie, minima en afronding. De juridische rol en de kostenstructuur beantwoorden verschillende vragen.

Een hedge met dezelfde omvang kan een andere prijs hebben

Behoud het oorspronkelijke fictieve lineaire model met twee contracten van honderdduizend EUR. De klant koopt op 1,1000; de onderneming koopt extern als hedge op 1,1002. Beide worden in het model gesloten op 1,1010, zonder wijziging van omvang, commissie of financiering. Dit zijn al uitvoeringsprijzen, dus voeg geen afzonderlijke spread toe.

Gelijke hedgeomvang, andere instapprijzenTwee fictieve contracten van honderdduizend EUR. Klant koopt op 1,1000; hedge opent op 1,1002; beide sluiten op 1,1010. Geen omvangswijziging, commissie of financiering; prijzen bevatten uitvoering al.REKENVOORBEELDKlantcontract1,1000 → 1,1010: +100USD voor cliëntExterne hedge1,1002 → 1,1010: +80 USDGezamenlijk−100+80 = −20 USD
Gelijke hedgeomvang, andere instapprijzen. Twee fictieve contracten van honderdduizend EUR. Klant koopt op 1,1000; hedge opent op 1,1002; beide sluiten op 1,1010. Geen omvangswijziging, commissie of financiering; prijzen bevatten uitvoering al.

De klant ontvangt honderd USD; hedge levert tachtig; onderneming houdt min twintig vóór extra kosten.

Klantcontract
1,1000 → 1,1010: +100 USD voor cliënt – Voor onderneming min honderd.
Externe hedge
1,1002 → 1,1010: +80 USD – Eigen afzonderlijke overeenkomst.
Gezamenlijk
−100+80 = −20 USD – Gelijke nominale waarde wist verschillende prijzen niet.

De klant verdient honderd USD, wat voor de onderneming een uitgave van honderd is. De hedge verdient tachtig USD. Voor de onderneming is de som −100+80 = −20 USD vóór verdere kosten. Gelijke nominale omvang verwijdert de verschillende instapprijzen niet. Dit is een rekenmodel, geen verklaring van de werkelijke resultaten van een genoemde broker.

IC Markets EU’s gepubliceerde conflictbeleid benoemt bij CFD’s onder meer mogelijke tegenpartijrol, ongedekte posities en prijs- of tijdsconflicten bij hedging. Het openbaar maken van zulke risico’s laat niet zien wat de huidige hedgeportefeuille is of bewijst dat op een specifieke order alle verplichtingen zijn nageleefd.

Belangenconflicten per model onderzoeken

Aangehouden koersrisico, omzetafhankelijke beloning en routeringsprikkels kunnen verschillende conflicten veroorzaken. Controleer de werkelijke beheersmaatregelen en informatie, niet alleen een geruststellend label. MiFID II kent voor toepasselijke Europese diensten regels voor het identificeren en voorkomen of beheersen van conflicten, naast uitvoerings- en informatieverplichtingen. Buiten dat bereik zijn de eigen toepasselijke regels nodig.

Een wettelijke plicht is geen bewijs van naleving in één concreet geval. Onderzoek de contractspartij, toezichthouder en uitleg bij afwijzingen of prijsverschillen. Een buitenlands woon- of vestigingsland bewijst op zichzelf geen afwezig toezicht of manipulatie. Stopruns begrijpen: liquiditeit, cascades en gewogen fills onderscheidt een prijsgebeurtenis van bewijs over de oorzaak.

Veel valutahandel vindt OTC plaats, zonder één beursprijs die iedere partij verplicht krijgt. Bij een OTC-CFD moet je nagaan hoe de aanbieder de bid en ask uit referenties opbouwt. Twee verschillende grafieken bewijzen geen misbruik: product, prijszijde, tijd en bron moeten vergelijkbaar zijn. Een kaars op basis van bid toont niet automatisch de ask die een kooporder raakt.

De tarieven doorrekenen zonder de rol te raden

Het oorspronkelijke USD-tariefmodel vergelijkt één afgeronde EUR/USD-transactie van honderdduizend EUR. Een pip is 0,0001 en tien USD per volledig lot. De spread blijft bij openen en sluiten gelijk, de middenkoers beweegt niet en er zijn geen financiering of uitvoeringsafwijkingen. Rekening A heeft 1,2 pips zonder commissie: twaalf USD. B heeft 0,2 pip plus zeven USD voor beide zijden: twee plus zeven = negen USD.

B is onder deze aannames drie USD goedkoper. Het omslagpunt voor A is 0,2+7/10 = 0,9 pip: beide kosten dan negen USD. Honderd identieke transacties geven driehonderd USD tariefverschil, geen gemeten beleggingsprestatie. Kleinere posities schalen beide bedragen alleen gelijk als er geen minimum of afwijkende afrondregel geldt.

Minder transacties veranderen bij lineaire tarieven het teken van dat verschil niet; zij verlagen alleen het totale bedrag. Variabele spreads, minimumcommissie, financiering en uitvoering kunnen de uitkomst wel veranderen. Scalpingkosten: spread, uitvoering en dure uitschieters verbindt kosten aan de werkelijke handelsomstandigheden. In winst berekend uit echte ask/bid-fills zit de spread al: trek hem niet nogmaals af.

Nieuw fictief EUR-tegenvoorbeeld: eerst klantstromen, dan nettohedge. Twee cliënten handelen exact hetzelfde lineaire EUR/USD-contract op dezelfde momenten. A koopt twintigduizend EUR en B verkoopt vijftienduizend. Alle drie de modelcontracten, inclusief de hedge, openen exact op 1,1000 en sluiten op 1,1050. Geen afzonderlijke spread, financiering, slippage of andere transacties wordt verondersteld.

De onderneming heeft door de klantcontracten netto vijfduizend EUR short, niet vijfendertigduizend. Zij koopt daarom in dit scenario extern vijfduizend EUR. De klantwinsten zijn honderd USD voor A en min vijfenzeventig USD voor B. De onderneming betaalt netto vijfentwintig USD en ontvangt vijfentwintig uit de hedge. Het koersresultaat van beide samen is nul.

Nieuw model: twee klantstromen, één nettohedgeIdentiek lineair contract; gelijke uitvoering van 1,1000 naar 1,1050. Klant A is 20.000 EUR long, B 15.000 EUR short; externe hedge 5.000 EUR long. Geen andere prijseffecten of financiering. Afzonderlijk drie EUR ontvangen commissie en vijf EUR externe kosten.REKENVOORBEELDTwee cliëntenA plus 100 USD; B min 75USDNettohedge5.000 EUR long: +25 USDAparte EUR-kasstromenDrie ontvangen min vijfbetaald = min twee EUR
Nieuw model: twee klantstromen, één nettohedge. Identiek lineair contract; gelijke uitvoering van 1,1000 naar 1,1050. Klant A is 20.000 EUR long, B 15.000 EUR short; externe hedge 5.000 EUR long. Geen andere prijseffecten of financiering. Afzonderlijk drie EUR ontvangen commissie en vijf EUR externe kosten.

Koerssom nul, maar aparte kosten laten min twee EUR over; geen echte brokerwinst berekend.

Twee cliënten
A plus 100 USD; B min 75 USD – Onderneming op klantcontracten netto min 25 USD.
Nettohedge
5.000 EUR long: +25 USD – Neutraliseert hier exact dezelfde koersbeweging.
Aparte EUR-kasstromen
Drie ontvangen min vijf betaald = min twee EUR – Vaste USD/EUR-omrekening verandert de nulkoerssom niet.

Neem afzonderlijk drie EUR ontvangen klantcommissie en vijf EUR totale externe kosten aan. Dan resteert voor de onderneming min twee EUR in dit afgebakende model, ondanks de perfecte richtingshedge. De nulkoerssom blijft ook bij een vaste omzetting van 1,10 USD per EUR nul; de EUR-vergoedingen zijn aparte kasstromen. Dit is geen schatting van tarieven, volledige bedrijfswinst of geheim risicobeheer van een echte onderneming.

Welke vragen zijn voor jouw rekening beslissend?

Sommige ondernemingen combineren intern risicobeheer en externe afdekking. De mengverhouding en criteria kunnen verschillen. Winstgevendheid van een klant of positiegrootte vertelt niet zelfstandig hoe diens order is behandeld. Een openbaar beleid kan de werkwijze beschrijven zonder het precieze huidige hedgeboek te publiceren.

Voor een Nederlandse cliënt controleer je de juridische onderneming en toegestane dienst. Een Europees paspoort is iets anders dan een eigen AFM-vergunning. Nederlandstalige bediening of een EUR-rekening bepaalt geen fiscale woonplaats en geen toezichthouder. KNF en AFM: controleer vergunning, paspoort én dienst helpt naam, vergunning en dienst afzonderlijk vastleggen.

Controle vóór je een model kiest

  1. Lees contract, uitvoeringsbeleid en belangenconflictenbeleid voor het product. Noteer principal of agent, mogelijke externe partijen en welke informatie over hedging werkelijk beschikbaar is.
  2. Bereken tarieven met dezelfde omvang, periode en valuta. Tel beide zijden, minima, financiering en conversie mee; een goedkope rekening bewijst geen bepaalde juridische rol.
  3. Controleer onderneming en bevoegdheden via officiële gegevens. Leid geen volledige actuele hedgeportefeuille af uit een marketingpagina of algemeen beleid.
  4. Bewaar vergelijkbare orders met referentieprijzen, richting, omvang en alle uitvoeringen of afwijzingen. Vraag uitleg over aantoonbare verschillen; enkele nieuwsorders certificeren geen eerlijkheid of misbruik.

Ga verder met Orderuitvoering: tijd, deelfills en echte kosten: eerste fill, volledige voltooiing en antwoordtijd geven verschillende informatie. De Nominale positiewaarde van een hedge, de prijs waarop zij wordt uitgevoerd en de klantovereenkomst moeten elk hun eigen plaats in de analyse houden.