Een ranglijst toont nog actieve rekeningen. Een cursusadvertentie laat geselecteerde oud-deelnemers zien. Voordat je succes beoordeelt, zoek je de oorspronkelijke groep en de ontbrekende gevallen. Echte getoonde resultaten kunnen toch een misleidend beeld van de hele groep geven.

Wat overlevingsvertekening is

Survivorship bias ontstaat wanneer je over een groep concludeert op basis van gevallen die zichtbaar bleven, terwijl eerdere uitvallers ontbreken. Dat verschilt van alleen de beste dagen van een bestaande rekening tonen of mensen zichzelf voor een enquête laten aanmelden. De mechanismen kunnen tegelijk optreden.

Niet iedere afwezige persoon verloor geld. Iemand kan om andere redenen stoppen, een rekening sluiten of niets meer publiceren. Onbekend is geen nul en geen verlies. Vraag of het verdwijnen samenhangt met het resultaat dat je probeert te meten. Een onbekende uitkomst bewijst op zichzelf ook geen bedrog.

Brown, Goetzmann, Ibbotson en Ross onderzochten in 1992 hoe selectie op overleven samenhang tussen volatiliteit en rendement een schijn van voorspelbaarheid kan geven. De studie betreft prestatiemeting; zij levert geen actueel succespercentage voor Forex handelaren. Een aantrekkelijk historisch patroon vraagt onderzoek naar de manier waarop de gegevensverzameling ontstond.

Waar selectie in handelsinformatie schuilt

Controleer advertenties, publieke berichten en ranglijsten op toelatingscriteria, periode, kosten, geldstromen en open risico. Er is hier geen cijfer over hoe vaak algoritmen verliezen verbergen en geen bewijs waarom een bepaalde auteur niet meer post. Een geverifieerde rekening kan authentiek zijn terwijl de selectie ervan onbekend blijft.

Een historische aandelenstrategie met indexleden moet de leden gebruiken die volgens de regel op elk beslismoment beschikbaar waren. Alleen huidige leden nemen kan vroegere uitvallers weglaten. Een vooraf bepaald onderzoek naar één valutapaar hoeft daarentegen niet iedere verdwenen munt toe te voegen. Achteraf het beste paar, tijdvak of parameter kiezen is een verwant selectie- en overoptimalisatieprobleem.

Het fictieve bronregister begint met 100 rekeningen. Zichtbaar blijven 20:16 positief en 4 negatief na kosten, dus 80 % positief. De 80 weggelaten rekeningen zijn in het volledige register bekend:14 positief en 66 negatief. Het geheel bevat 30 positieve en 70 negatieve rekeningen, dus 30 %. Het verschil is 50 procentpunt, niet 50 % relatief. De ontbrekende groep bestaat dus niet uitsluitend uit verliezers.

Onbekende resultaten geven grenzen, geen verzonnen verliescijfer

Acht onbekenden laten een bereik openFictieve vooraf bepaalde groep van 20 personen, één resultaat per persoon, dezelfde periode en positiviteitsdefinitie.REKENVOORBEELDBekend positief6Bekend niet-positief6Onbekend8Hele groep30 %–70 %
Acht onbekenden laten een bereik open. Fictieve vooraf bepaalde groep van 20 personen, één resultaat per persoon, dezelfde periode en positiviteitsdefinitie.

Het bereik volgt uit bekende aantallen. Meer zekerheid in je formulering vervangt geen ontbrekende gegevens.

Bekend positief
6 – Tellen in elk mogelijk totaal mee.
Bekend niet-positief
6 – Geen positieve resultaten in deze categorie.
Onbekend
8 – Niet automatisch nul of negatief.
Hele groep
30 %–70 % – 6/20 tot 14/20; waargenomen deelgroep 6/12=50 %.

Een ander bronmodel begint met 20 personen over dezelfde periode en hetzelfde criterium:6 positief,6 niet-positief en 8 onbekend. De waargenomen deelgroep is 6/12=50 % positief. Voor de hele groep is het minimum 6/20=30 % en het maximum 14/20=70 %. Het minimum behandelt alle onbekenden als niet-positief, het maximum als positief.

Dit zijn mogelijke aanvullingsgrenzen op basis van aantallen, geen betrouwbaarheidsinterval of kansvoorspelling. Zonder nieuwe gegevens maakt een stelliger oordeel het bereik niet smaller. Houd “niet-positief” gescheiden van “negatief”: nul kan binnen niet-positief vallen.

Hoe verwachtingen door selectie vervormen

Leg populatie, periode en criterium vooraf vast. Zonder het volledige register mag je de 80 weggelaten uitkomsten niet willekeurig toewijzen. Een verzameling spectaculaire mislukkingen is ook geselecteerd en levert geen oorspronkelijke noemer op.

Het eigen bronkansmodel laat 16 fictieve personen ieder vier onafhankelijke proeven uitvoeren met succeskans 1/2, ook onafhankelijk tussen personen. Voor één vooraf gekozen persoon is viermaal succes 1/16=6,25 %. De kans dat niemand dit doet is(15/16)^16≈35,61 %; minstens één doet het dus met≈64,39 %. Een echte vier-uit-vierwinnaar kan worden geselecteerd zonder verschil in vaardigheid. Onder die aannames blijft diens volgende kans 1/2. Dit is geen geschat Forex model en ontkent geen mogelijke echte voordelen.

Nieuw afzonderlijk EUR-tegenvoorbeeld: van vijf vooraf gevolgde fictieve rekeningen zijn resultaten na kosten EUR 120,−EUR 80 en EUR 10 bekend; twee ontbreken. Hun totale geldresultaat kun je niet begrenzen zonder aannames over de ontbrekende bedragen. Het aandeel positieve rekeningen kan wel tussen 2/5=40 % en 4/5=80 % liggen. Een percentagegrens geeft dus geen onder- of bovengrens aan de onbekende euro-opbrengst.

Verlieslatende rekeningen zijn geen verliezende trades

ESMA noemde in haar aankondiging van 27 maart 2018 een historische band van 74–89 % verlieslatende retailrekeningen uit analyses van nationale autoriteiten over CFD’s in de EU. Dat is geen actuele wereldwijde meting of persoonlijke verlieskans. Let bij een waarschuwing op aanbieder, rechtspersoon, product, toepasselijke regels en berekeningsperiode. De toen aangekondigde interventie omvatte aanbiedergebonden waarschuwingen.

Een Winstpercentage van transacties van 98 % meet iets anders. Het bronmodel zonder kosten telt 98 trades met+1 eenheid en 2 met−100:98−200=−102 eenheden totaal. Een hoge winstfrequentie kan dus met nettoverlies samengaan. Een rekeningwaarschuwing bewijst niet dat een bepaald profiel met 98 % winnende trades uitzonderlijk, bedrieglijk of alleen gelukkig is; de meeteenheden verschillen.

  • Winstfrequentie: winnende trades gedeeld door beoordeelde trades, zonder hun bedragen te bepalen.
  • Rekeningverliesaandeel: verlieslatende gedekte rekeningen binnen een vastgestelde periode en methode.
  • Historische ESMA band: analyses in een aankondiging uit 2018, geen nieuw algemeen cijfer.

Een concrete verdediging tegen verkeerde selectie

Zoek een vooraf bepaalde groep, gemeenschappelijke periode en expliciete behandeling van ontbrekende gegevens. Bewaar ook mislukte instellingen. Bailey en collega’s bespreken in 2014 hoe veel varianten testen een aantrekkelijk resultaat kan opleveren. Afzonderlijke evaluatiegegevens helpen alleen wanneer zij daadwerkelijk apart blijven; herhaald hetzelfde holdout bekijken verzwakt dat onderscheid.

Een holdout herstelt geen onvolledige historische instrumentenlijst. Een lange gecontroleerde rekeninghistorie verklaart evenmin waarom juist die rekening werd getoond. Overmoed bij handelen: toets overtuiging, bewijs en risico behandelt hoe zekerheid groter kan worden dan het bewijs, en Kuddegedrag: controleer wat een meerderheid werkelijk meet hoe sociale invloed de selectie aantrekkelijk maakt.

Controleer deze week één presentatie

  1. Noteer de oorspronkelijke groep en toelatingsregel.
  2. Leg periode, resultaatcriterium en kostenbehandeling vast.
  3. Tel ontbrekende observaties en laat onbekende antwoorden zichtbaar.
  4. Controleer geldstromen en open blootstelling.
  5. Formuleer alleen de conclusie die de gegevens dragen.

“Deze rekening was in deze periode positief” is iets anders dan “de methode maakt de meeste deelnemers winstgevend”. Kopieer geen posities om bewijs te kunnen beoordelen. Beoordeel je handelsproces zonder het resultaat weg te wuiven helpt daarna het resultaat van de kwaliteit en naleving van een beslissing te scheiden.